Erfgoed van de week: Sint-Justus' schedel

Een negenjarige jongen wordt onthoofd en draagt daarna zijn eigen hoofd naar de plek waar later een kerk moet verrijzen. Een middeleeuws horrorverhaal? Jazeker. Maar voor gelovigen was Sint-Justus vooral een heilige.

Volgens de overlevering werd Justus van Beauvais in 287, tijdens de christenvervolgingen onder keizer Diocletianus, onthoofd. Daarna zou Justus zijn eigen hoofd hebben opgepakt en meegenomen. Sint-Justus behoort daarom tot de zogenoemde cefalofore heiligen: heiligen die met hun eigen hoofd in hun handen worden afgebeeld.

Ook in Zutphen werd Sint-Justus eeuwenlang vereerd. Zijn feestdag komt vanaf de veertiende eeuw voor in kerkelijke handschriften van de Sint-Walburgiskerk. Rond 1450 beleefde zijn cultus een duidelijke bloeiperiode.

Waarschijnlijk bezat de Sint-Walburgiskerk relieken van het lichaam van Sint-Justus. Een reliek van zijn hoofd bevond zich vanaf de vijftiende eeuw in het franciscanenklooster Galilea, buiten de stadsmuren van Zutphen. Wat er tijdens de Reformatie met het lichaam gebeurde, is onbekend, maar de schedel werd gered en kwam uiteindelijk in Antwerpen terecht, waar het nog altijd wordt bewaard. 

En nu, na eeuwen, is Sint-Justus weer in Zutphen! Zijn verhaal is tot 15 november te zien in de tentoonstelling Heiligen & Helden in het Stedelijk Museum Zutphen.