Erfgoed van de week: Wisselwinkels aan de Overwelving

Door Jeroen Krijnen

Wie op de Overwelving een ijsje haalt bij cafetaria Supersnack om dat op de rand van het waterwerk ertegenover rustig op te eten, zal het bakstenen gebouw er recht voor niet ontgaan. Het neemt vrijwel de gehele zuidelijke pleinwand in beslag. Dit statige pand is in het voorjaar van 2026 aangewezen als gemeentelijk monument.

Het bestaat uit twee delen: het deel aan de kant van de snackbar, Overwelving 1-3, heeft bovenwoningen die toegankelijk zijn vanaf de Spoorstraat en het andere deel beslaat de adressen Turfstraat 41-45. Ze maken deel uit van het in 1948 goedgekeurde wederopbouwplan voor Zutphen. Daarin was onder meer een nieuwe verkeersweg dwars door de stad opgenomen, die voor een goede verbinding moest zorgen tussen de IJsselbrug en de weg naar Lochem. Daarvoor is niet alleen rondom de Overwelving veel gesloopt, ook de historische straatwand tussen de Berkel en het Rijkenhage werd daarvoor afgebroken.

In die dynamische periode werd Overwelving 1-3 als een van de eerste nieuwe gebouwen opgeleverd. Op de begane grond was ruimte voor wisselwinkels. Die waren nodig om de vele winkeliers die tijdens de oorlog hun winkelruimte hadden verloren, tijdelijk onderdak te kunnen bieden. Op de eerste en tweede verdieping kwamen vier appartementen. Het was in 1950 klaar. Daarna werd aan de Turfstraatzijde gestart met de bouw van het andere deel. Dit was op onderdelen anders vormgegeven, met maar één bovenwoning, op de tweede verdieping. De eerste verdieping was toen onderdeel van de winkel. Later is de winkel verbouwd en kwamen er twee appartementen op de eerste verdieping. Het kwam in 1951-'52 tot stand.

Bossche School

Het gebouw werd ontworpen door het architectenbureau van Nico van der Laan uit Utrecht. Nico van der Laan was de broer van benedictijner monnik en architectuurhistoricus Dom Hans van der Laan. Zij werkten vanaf de jaren 1930 samen, vooral aan kerkelijke opdrachten. Van 1945 tot 1973 gaven zij samen met Cees Pouderoyen een cursus ‘Kerkelijke architectuur’. In deze cursus voor collega-architecten probeerden zij de maatstaven en grondslagen van echte architectuur te herontdekken. Dit gedachtengoed en het uitdragen ervan staat ook bekend als de Bossche School. Een kenmerk van de architectuur van deze stroming is de goed doordachte verhouding van de vensters in relatie tot de massa van het muurwerk waarin ze zijn geplaatst. Deze verhoudingenleer is later bekend geworden door de publicatie Het Plastische Getal uit 1967. In het materiaalgebruik werd gekozen voor handvorm bakstenen en grof geborstelde voegen, waarvoor dezelfde samenstelling werd gebruikt als voor de metselspecie. Deze kenmerken zijn bij diverse andere ontwerpen van Nico en Dom Hans van der Laan ook terug te vinden.

Op de foto's:

Boven: Het blokje woningen en wisselwinkels kort na oplevering in 1951. De bouw van de oostelijke helft van het blok moest nog starten. Het grote witte pand is kort daarna gesloopt voor de verbreding van de Rijkenhage. Foto collectie RAZ, Erfgoedcentrum Zutphen

Rechts: Het blok in 2026.